VRAGEN BIJ DE TOESPRAAK
Vragen uit Heidelbergse Catechismus
Zondag 22
57 Welke troost haal je uit de opstanding van het lichaam?
Na dit leven wordt mijn ziel direct tot Christus, het Hoofd van het lichaam, opgenomen.
Ook mijn lichaam wordt straks door Christus opgewekt.
Het wordt weer één geheel met mijn ziel en het wordt hetzelfde als het verheerlijkte lichaam
van Christus.
58 Welke troost haal je uit het artikel over het eeuwige leven?
Ik voel nu het begin van de eeuwige vreugde in mijn hart.
Na dit leven heb ik deel aan de volledige zaligheid, die niemand ooit heeft kunnen bedenken,
zien of horen. Dan zal ik God eeuwig eren.
- Heb je opmerkingen/vragen n.a.v. dit Bijbeluur over het thema ‘Ik geloof… in de
opstanding en het eeuwige leven of over het Bijbelgedeelte?
- In dit Bijbeluur heb je gehoord dat het lichaam van een gelovige bij het sterven niet
meteen naar Jezus in de hemel gaat maar ‘de zonde afsterft’.
- Wat betekent dat?
- Is het lichaam voor God wél of niet waardevol? Waarom wel/niet?
- Heeft het lichaam voor een christen meer of minder waarde dan dat het voor
een niet- christen heeft? Waarom wel/niet?
- Kun je voorbeelden noemen vanuit de Bijbel en/of de kerkgeschiedenis van mensen
die ervaren hebben dat de ‘hemel soms op aarde’ was? Wat valt je hierbij op?
- Hoe kijk je terug naar de Bijbeluren over de Geloofsbelijdenis (12 Artikelen)?
- Heeft het iets voor je persoonlijke leven betekend?