Bijbeluur 13 september 2026

VRAGEN BIJ DE TOESPRAAK 

Vraag uit Heidelbergse Catechismus

37 Wat wil het woordje 'geleden' zeggen?

Dat Hij (Jezus) aan lichaam en ziel, Zijn hele leven op de aarde, maar in het bijzonder aan het einde van Zijn leven, de toorn van God tegen de zonde van het hele menselijke geslacht gedragen heeft,  opdat Hij met Zijn lijden, als met het enige verzoenoffer, ons lichaam en onze ziel van de eeuwige verdoemenis verloste, en voor ons Gods genade, gerechtigheid en het eeuwige leven verworven heeft.

Vragen:

1.    Heb je opmerkingen/vragen n.a.v. de toespraak over het thema ‘Ik geloof… in Jezus’ lijden en dood’ of over het Bijbelgedeelte?

2.     Wat betekent het dat Christus de 'vloek' van de wet voor ons heeft gedragen aan het kruis?   (Zie ook: Galaten 3:13)

Christus heeft ons verlost van den vloek der wet, een vloek geworden zijnde voor ons; want er is geschreven: Vervloekt is een ieder, die aan het hout hangt.

3.     Jezus heeft met het geven van Zijn leven de zondeschuld betaald. Waarom moet een gelovige dan nog sterven?

4.     Hoe helpt de diepte van Christus' vernedering in de geloofsbelijdenis als je zelf door diepe geestelijke nood of depressie gaat?

5.     Waarom is het belangrijk dat de vernedering van Christus in de hel niet het ‘laatste station’ bleef, maar werd gevolgd door de opstanding?

Benieuw naar meer activiteiten?

Deze website maakt gebruik van cookies

Deze website gebruikt cookies. Door gebruik te maken van deze website, geef je aan akkoord te zijn met het gebruik van cookies. Lees meer

Sluiten